Winterakoniet planten en verzorgen

Winterakoniet planten en verzorgen

Winterakoniet planten en verzorgen is helemaal niet moeilijk. Deze leuke bollen voorzien je van een goudgele bloemenzee op vrijwel elke standplaats. Onder de bomen in de tuin, maar ook in de border of de pot. Je kunt de winterakoniet al vroeg in het voorjaar verwelkomen. Vaak zie je ze zelfs nog eerder opduiken dan dat het vroege sneeuwklokje dit doet.

De botanische naam van winterakoniet is eranthis hyemalis. Haar bloemen zijn uitsluitend geel van kleur. Oorspronkelijk komen ze uit de Balkan gebieden. Ook in Zuid-Europees gebied komt de winterakoniet voor in het wild. Wil je jouw tuin of border verfraaien met deze vroegbloeiende bollen? Dan lees je hier precies hoe je ze moet planten en verzorgen.

Plant eigenschappen:

Plantgroep: Bollen en Knollen
Standplaats: Zon, Halfzon
Plantafstand: 8×8 cm
Plantdiepte: 3-5 cm
Planthoogte: 5-10 cm
Bloeiperiode: Jan t/m Mrt
Wintergroen: Nee

Wetenschappelijke naam:
Eranthis hyemalis

Bloemkleur:
Geel

Winterakoniet planten

Winterakoniet kun je vrijwel overal planten. In een pot, maar natuurlijk ook in de border of op een kale plek in de tuin. Ook in balkonbakken doen deze bollen het prima. De beste tijd om zelf winterakoniet te planten is in de maanden september of november. In ieder geval moet je ervoor zorgen dat je de bollen in de grond plaatst voordat de eerste vorst zich aandient.

Vroeg opkomende winterakonieten
Vroeg opkomende winterakonieten

Winterakonieten stellen niet zoveel eisen aan hun standplaats. Een plekje in de zon of halfzon is wel zeer gewenst. De bodem mag flink humusrijk, lekker luchtig van structuur en niet te zuur zijn. De bodem vooraf bewerken met humus wordt gewaardeerd. Leg de bollen van de winterakoniet 24 uur in lauwwarm water voordat je de bollen gaat planten.

Als je een goede plek hebt gevonden in de tuin, border of pot is het tijd om de bollen in de grond te plaatsen. Dat doe je bij voorkeur op een plantdiepte van 3-5 cm. Houd daarbij een plantafstand aan van 8×8 cm. Zo krijg je een vol plantendek maar geef je de winterakoniet wel voldoende ruimte om te kunnen ontwikkelen. Ze worden ongeveer 5-10 cm hoog.

Winterakoniet verzorgen

Zoals al gezegd kun je deze vroegbloeiende bollen dus in de border of tuin planten, maar ook in potten of bakken. Zorg ervoor dat de bodem niet uitdroogt. In de border betekent dit dat de bodem goed gedraineerd moet zijn. De verzorging in een pot vergt ook een goede afwatering. Plant de winterakoniet dus altijd in een pot met voldoende gaatjes in de bodem.

Winterakoniet in een pot verzorgen doe je door ze te planten in een voedingsrijke potgrond. Eventueel kun je de bollen tijdens de bloei nog van wat extra voedingsstoffen voorzien. Hoewel winterakoniet redelijk bestand is tegen kou, is het goed om ze te beschermen tegen extreme vrieskou. Bijvoorbeeld door de bodem te bedekken met mulch.

De waterbehoefte van winterakoniet is gemiddeld tot klein. De bodem waarin je winterakoniet plant mag niet uitdrogen. Toch hebben deze vroege bloeiers tussen de maanden februari en eind maart geen extra water nodig. In de warme zomermaanden is af en toe water geven voldoende. Zolang de bodem maar niet volledig uitdroogt.

Als je winterakoniet goed wilt verzorgen, dan is het belangrijk dat de bodem voldoende voedingsstoffen bevat. De bodem kun je dan ook het beste bemesten voordat je de bollen gaat planten. Tussendoor bemesten is eigenlijk niet nodig. Dat komt omdat de bollen voedingsstoffen opslaan. Tijdens de bloeiperiode kun je wel wat extra voeding geven.

Winterakoniet vermeerderen

Winterakoniet vermeerderen is niet moeilijk. Als je de natuur zijn gang wilt laten gaan is dat zelfs helemaal niet nodig. De bollen zorgen zelf voor de vermeerdering, maar nemen daar wel de tijd voor. Soms kan dit proces tot wel 5 jaar in beslag nemen. Wil je daar liever niet op wachten en wil je winterakoniet al sneller kunnen vermeerderen? Ook dat is mogelijk.

Winterakoniet en sneeuwklokjes in pot
Winterakoniet en sneeuwklokjes in pot

Het vermeerderen van de winterakoniet doe je in het vroege voorjaar. Bij voorkeur in de maanden januari of februari. De voedingsstoffen zijn dan optimaal opgenomen in de knolletjes. De moederknol maakt kleine knolletjes die je kunt delen. Plant ze daarna direct weer uit. Dat kan in potten, maar natuurlijk ook elders in de border of de tuin.

Nadat je winterakoniet hebt vermeerdert en uitgeplant is het belangrijk dat de bodem voldoende vochtig blijft. Eventueel kun je de kleine bolletjes beschermen met een net. Zo weet je zeker dat ze niet worden opgepikt door vogels of uitgegraven door knaagdieren. Eventuele kun je ook nog een laagje mulch aanbrengen om de vochtigheid te behouden.

Eventueel kun je de bollen van de winterakoniet ook bewaren om ze op een later tijdstip weer uit te kunnen planten. Bewaar de bollen bij voorkeur op een vorstvrije en droge plaats. In het najaar kun je de winterakoniet vervolgens weer planten. Bijvoorbeeld als bodembedekker onder bomen of op plekjes die je graag van wat kleur wilt voorzien.